Sep 2, 2008
Folkert

Net Neutrality – It’s the Economy, Stupid!

Als je weinig tijd hebt om nu deze blogpost te lezen maar je wilt wel weten wat de problematiek van Net Neutrality inhoudt, bekijk dan hier een informatieve cartoon.

Begin 2006 laaide in Europa (met name bij onze oosterburen) de discussie op over, wat nu heet, Net Neutrality.  “Network Neutrality” describes an important principle of the Internet’s design: that the routers and switches that make up the network’s core infrastructure should not discriminate among packets based on their origin or contents. Jarenlang hebben ISP’s een soort gedoogbeleid gevoerd onder het label ‘fair use policy‘; een ongeschreven regel voor de hoeveelheid traffic per gebruiker per tijdseenheid. De explosieve groei van het gebruik van ‘rijke media’ (video, videostreams, peer-to-peer netwerken) leidt tot congestieproblemen (vergelijk het met fileproblematiek). Youtube consumeerde vorig jaar even veel bandbreedte als het gehele internet in 2000! En het ‘fair use‘ principe biedt hierop geen afdoende antwoord; we zijn met z’n allen veel meer en ‘zwaardere’ data gaan consumeren en de voorzieningen (infrastructuur) zijn hier (nog) niet op afgestemd.

In de Verenigde Staten buigt een overheidscommissie zich nu over de vraag wat de financiele, juridische en sociale consequenties zijn van het ‘de vervuiler betaalt’-principe. Op het gebied van het milieu mag deze race dan reeds gelopen zijn, met betrekking tot het internet is deze discussie in volle gang. Sommigen zien dit als een regelrechte bedreiging voor innovatie, een onacceptabele inbreuk op de rechten van de mens en slecht voor de werkgelegenheid.

In Europa is de situatie complexer dan in de VS; er zijn grote verschillen tussen landen onderling als het gaat om de penetratie van breedbandverbindingen en de activiteiten van ISP’s (met hun netwerken) worden nog steeds beperkt door landsgrenzen. Met het Verdrag van Lissabon leek de Europese Unie een goede weg in te slaan; investeren in breedbandverbindingen en dan vooral in die gebieden met de laagste penetratie van breedbandverbindingen (Zuid Europa en Oost Europa). Wanneer er binnen de gehele Eurpose Unie een hoge penetratie van breedbandvoorzieningen is, dan zullen hoogopgeleide Oost en Zuid Europeanen in hun land blijven en hier hun economische activiteiten gaan ontplooien (en daarmee ook bijdragen aan de economische welvaart van hun regio). In navolging van de VS buigt ook het Europese Parlement zich over Net Neutrality. Maar in plaats van te gaan discusieren over de wijze waarop investeringen in de uitbreiding van breedband gestimuleerd kunnen worden, gaat men praten over hoe Net Neutrality gemanaged kan worden (i.e. regelgeving voor handhaving van net neutraliteit)! Dit is een fundamenteel andere discussie en is in de Europese context elitair – Net Neutrality is alleen punt van discussie daar waar al volop breedbandvoorzieningen zijn.

Je kunt dit vergelijken met het oganiseren van een congres over voedselschaarste waarbij de keynotes en de slotverklaring zich uitsluitend concentreren op het voorkomen van overgewicht.

Penetratie van Breedbandvoorzieningen is een politiek onderwerp en is de verantwoordelijkheid van overheden. Net Neutrality is een economisch onderwerp en dient door het mechanisme van vraag en aanbod opgelost te worden. En niet andersom!

2 Comments

  • Nederland mag dan samen met de Scandinavische landen de hoogste penetratie van breedband hebben, qua bandbreedte zijn er grote verschillen. Veel breedband veelgebruikers klonteren samen in in de regio Amsterdam/Hoofddorp/Schiphol omdat de ISP’s hier dicht op het internetknooppunt zitten. Andere steden zoals bijvoorbeeld Groningen heeft ook een internetknopppunt dat echter met veel minder bandbreedte verbonden is met het Amsterdamse knooppunt. Ondanks het feit dat Google een groot datacenter in Groningen heeft gevestigd en de stabiliteit van energievoorzieningen zeer groot is, is er nog geen animo om de bandbreedte te vergroten. Een aantal internet start ups zien zich hirdoor beperkt in hun groeipotentieel en lopen het gevaar te worden ingehaald door concurrenten in regios met wel goede voorzieningen. Een duidelijk voorbeeld van een issue dat op het bord van de politiek ligt.

  • Lees nu net in het Dagblad van het Noorden dat Nederland als vestigingsland voor ICT-bedrijven is gestegen van de 12de naar de 10de plaats. Reden: ‘Nederland moet het vooral hebben van de goede infrastructuur en de hoge onderzoeksuitgaven’. Een kanttekening die ik hierbij maak is dat dit slechts voor een bepaald gedeelte van Nederland opgaat.

Leave a comment