Nov 28, 2012
Folkert

soci@l media #vind ik leuk?! (ouders ook)

Op 27 november organiseerde het Zernike College (Groningen/Haren) een avond voor ouders over het onderwerp Social Media en de wijze waarop ouders en de school hiermee omgaan. Na een enthousiaste aftrap over het onderwerp konden ouders deelnemen aan 2 workshops; een workshop over social media gebruik thuis en een workshop over gebruik en mogelijkheden van social media op school. Ik was één van de workshopbegeleiders (omgang sociale media thuis) maar ben ook vader van 2 zonen die op het Zernike College zitten.

Doel is dat ouders met elkaar in gesprek gaan en van elkaar horen hoe er thuis met sociale media wordt omgegaan. Hiertoe waren er een aantal stellingen gedeponeerd om dit peer-review proces op gang te krijgen.

Weinig ouders zijn het eens zijn met de stelling dat kinderen pas op de sociale media mogen als ze ouder dan 18 zijn(1%). “Iedereen gebruikt het en het is een bevestiging (voor het kind) van dat je erbij hoort”. Weinig ouders zijn op de hoogte van de minimum leeftijd van 13 jaar voor gebruik van Facebook. Toch zijn er diverse voorbeelden van het feit dat veel kinderen zich niet bewust zijn van de schaalbaarheid van hetgeen zij via sociale media communiceren. Soms met desastreuze gevolgen (Project X Haren, de zogenaamde ‘Facebook-moord’ zijn hiervan voorbeelden maar ook digitaal pesten kan zeer extreme vormen aannemen). De vraag is of dit bewustzijn automatisch groeit met het ouder worden of dat hier directief richting kinderen gehandeld moet worden?! Feit is dat commerciële bedrijven die producten/diensten bieden aan minderjarigen zich moeten houden aan regels/wetten die minderjarigen moeten beschermen. Waarom is bijvoorbeeld een Facebook hierop een uitzondering?

De uitslag van bovengenoemde stelling wordt interessant wanneer je de uitslag op de volgende stelling aanschouwt. 68% van de ouders is het eens met de stelling dat sociale media verslavend is. Talloos zijn de anekdotes over de sterke aantrekkingskracht van de smartphone, tijdens het eten, het huiswerk maken, tv kijken en tijdens ‘bedtijd’. Ouders geven hierin overigens ook niet altijd het goede voorbeeld. Ik vond het opvallend dat veel ouders thuis een beleid voeren, al dan niet expliciet, betreffende smartphones (met internettoegang); niet tijdens het eten (belangrijk sociaal gebeuren) en inleveren (‘disconnecten’) van de gadgets voor het slapen gaan. Overigens hangt het ‘succes’ van een dergelijk beleid wel sterk af van de leeftijd (van de kinderen) waarop dit wordt ingevoerd. Hoe later, hoe meer weerstand en strijd. En een dergelijk beleid is niet alleen van toepassing op de kinderen!

M.i. is de conclusie gerechtvaardigd dat het oneens zijn met de eerste stelling vooral samenhangt met de praktische haalbaarheid die men onrealistisch acht. In de NRC Next van hedenochtend werd de stelling ‘Scholier blijft zitten door sociale media‘ als ongefundeerd gekwalificeerd. Dit betekent echter niet dat het onwaar is. Er is gewoonweg geen onderzoek gedaan naar de invloed van het gebruik van sociale media door scholieren op hun schoolresultaten. Toch hebben veel ouders, waaronder ook ik, het gevoel dat dit wel degelijk invloed heeft.

Of ouders te allen tijde mogen kijken naar wat hun kinderen doen op het internet waren de meningen verdeeld. 36% volgt hun kind (als Twitter volger en/of Facebook vriend). En 58% vindt dat niet nodig. Dit kan op meerdere manier worden uitgelegd. Of “ik vertrouw mijn kind en daarom volg ik hem/haar niet” of “ik heb een goede relatie met mijn kind en daarom zijn wij elkaars vrienden op Facebook”. Beide meningen hebben dezelfde positieve connotatie (maar leiden tot een verschillende uitslag). Toch zijn veel ouders van mening dat kinderen recht hebben op een ‘eigen wereld’ waar ouders niet gewenst zijn. “Vroeger gebeurde er in het fietsenhok ook van alles waar onze ouders niet bij waren en/of van wisten”.

Er waren 2 stellingen die betrekking hadden op de ontwikkeling van de scholier. De meeste ouders zijn van mening dat sociale media geen slechte invloed heeft op de sociale ontwikkeling van hun kind (76% versus 20%). Maar 58% is van mening dat kinderen door sociale media niet een beter inzicht dan wel meer kennis krijgen van de werkelijkheid. 8% is sterk van mening dat dit wel het geval is. Uit de discussie met de ouders komt vooral naar voren dat sociale media gebruikt wordt om te communiceren met vrienden (let wel: vrienden, kennissen en klasgenoten waar men sowieso bijna dagelijkse omgang mee heeft). Het feit dat ook anderen toegang hebben tot de inhoud van die communicatie lijken veel kinderen geen probleem te vinden. Dit rechtvaardigt de conclusie dat voor kinderen sociale media vooral een communicatie-middel is en niet zozeer een informatiebron.

Vanavond vindt de 2de sessie plaats en is de onderzoekspopulatie groter (was nu 83). Benieuwd of de conclusies gaan ‘kantelen’!

Noot: De 2de sessies (op 28 november) tonen overeenkomstige resultaten (populatie was nu iets groter; 150).

 

 

 

 

Enhanced by Zemanta

Leave a comment